Heerlijke traktatie voor een winterse avond

  1. Leg het bevroren bladerdeeg op het aanrecht zodat het wat kan ontdooien.
  2. Schil de appels en snij ze in kleine stukjes. Bak ze in een koekenpan goudgeel in de boter. 
  3. Voeg de citroensap, de honing, de suiker en de rozijnen toe. Zet op laag vuur, tot de appels net gaar zijn (± 25 minuten). Laat wat afkoelen. 
  4. Verwarm de oven voor op 180° C. Leg 1 lapje deeg op het werkvlak. Trek het deeg wat uit elkaar zodat het oppervlak wat groter wordt. Maak sneetjes aan 1 kant van de deegrand.
  5. Schep 1/3 van de appels in de lengte over het midden van het deeg. Bestrijk de gesneden deegranden met wat water, vouw dicht en druk aan. Herhaal met de overige plakken. 
  6. Bestrijk de bovenkant met het overgebleven vocht uit de pan. Zet 20 tot 25 minuten in de oven.